Posts tonen met het label kloosters. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kloosters. Alle posts tonen

zaterdag 2 november 2024

Le Bec-Hellouin, een van de mooiste dorpen in Normandië


Regen, regen, regen in Pont-Audemer. Gelukkig hebben we alle gemak aan boord van onze caravan, maar als het even iets minder hard regende, was een spurtje naar het toilet al een welkom uitje! Een bezoek aan Honfleur hebben we maar even opgeschort. Maar een hele dag binnen hangen is - zelfs met een goed boek - ook niet alles. Le Bec-Hellouin leek een goed alternatief. Dit dorpje staat op de lijst van de Plus beaux villages de France en lag op een half uurtje autorijden van onze verblijfplaats.


De charme van het dorpje wordt mede bepaald door de beschutte ligging in het dal van het riviertje de Bec, omgeven door vriendelijke groene heuvels met verspreide boerderijen. Vanuit het dal van de Risle is het een landweggetje dat de ontsluiting van het dorp regelt. 
De regen stopte toen we parkeerden in het dorp en begon weer toen we twee uur later in de auto stapten voor de terugtocht. Tussentijds hebben we droog kunnen genieten van zo'n 1000 jaar historie, zichtbaar in de vermaarde abdij en de schilderachtige vakwerkhuizen die onder de laag hangende wolken extra kleur kregen door bloemrijke perken en tuinen.



De geschiedenis van Le Bec is onlosmakelijk verbonden met die van de abdij.
Deze werd rond 1034 gesticht door een ridder Hellouin (of Herluin), maar heeft tijdens diverse oorlogen heel wat te verduren gehad. De muren en een versterkte toren zijn ter bescherming opgetrokken. De toren die er nu een beetje vreemd los bij staat, is niet de originele, maar dateert uit de 17e eeuw en is het enig overblijfsel van de kerk, waarvan nog nauwelijks restanten zijn. Het klooster heeft de turbulente tijden wel overleefd.  In de muren en de toegangspoort zagen we een patroon van lichte en donkerder steenblokken, dat me aan het dambordpatroon van de gebouwen in Saint-Valery-sur-Somme deed denken. De toegangspoort heeft twee ongelijke torens. Dat is van binnenuit het complex opvallender dan vanaf deze zijde. Het terrein is vrij toegankelijk. Behalve op dinsdag zijn er rondleidingen door het klooster (door een monnik, franstalig). 







Het hele dorp is werkelijk een plaatje, met het ene fotogenieke plekje na het andere. De kleurrijke bloementuinen droegen daaraan zeker bij. We raakten aan de praat met een bewoonster die in haar tuintje bezig was en ik kreeg munt en rozemarijn van haar. Bovendien gaf ze ons nog allerlei tip over de markt van Pont-Audemer op maandag en over Honfleur met o.a. een replica van de boot van Willem de Veroveraar. Als we Engelse sferen proefden in Le Bec dan kwam dat vast door de Normandische veroveringen en de relaties met Canterbury, die overigens nog steeds voortduren.















Wij hebben de tijd genomen om nog wat rond te kijken en van een ijsje te genieten als enige gasten in het café nabij het toeristenbureau. Bij het toeristenbureau is een foldertje verkrijgbaar met informatie over de geschiedenis en de vele monumentale gebouwen van het dorp.







Terug naar Pont-Audemer nog een paar foto's geschoten van deze huizen met rieten daken met planten op de nok. Later in Bretagne (Brière) zouden we dit fenomeen terugzien. Op dit moment regende het al weer en zijn we teruggekeerd naar ons droge onderkomen op de camping. Maar we konden wel terugkijken op een mooi uitstapje!



Een paar aardige websites met meer informatie:

woensdag 26 juni 2024

Bourg-en-Bresse en het verleden: van kloostercomplex tot authentieke Bresse-boerderij

18 mei 18°. De ochtend begon droog, maar al snel nam het vochtigheidsgehalte merkbaar toe. Voor deze zaterdag was beter weer voorspeld, dus dat viel wel tegen. Maar niet getreurd: we zijn met de auto naar Bourg-en-Bresse gegaan, eerst en vooral naar het Monastère Royal de Brou in de gelijknamige buitenwijk van de stad. Vijf eeuwen geleden liet Margaretha van Oostenrijk dit kloostercomplex bouwen ter ere van haar geliefde gemaal Philibert de Schone. Deze vorst van Savoye hield zich niet met staatszaken bezig, maar wel veelvuldig met de jacht. Het drinken van teveel ijskoud water na zo'n jachtpartij is hem echter fataal geworden, slechts drie jaar na zijn huwelijk met Margaretha. 


Het complex dat ze liet optrekken bestaat uit drie onderdelen: de kerk, de privévertrekken van Margaretha en haar hofhouding en de kloostergebouwen. In 1506 werd eerst begonnen met de bouw van het klooster, zodat de Augustijner monniken snel onderdak zouden vinden. Het volledige bouwwerk was in 1532 klaar, uitzonderlijk snel voor die tijd, maar desondanks niet snel genoeg voor Margaretha om het ooit voltooid te zien. Zij overleed in 1530. Wel ligt zij op haar uitdrukkelijke wens begraven in de kerk van het klooster, samen met haar geliefde Filibert en haar schoonmoeder Margaretha van Bourbon, die als eerste initiatieven had genomen om op deze plek in Brou een klooster te bouwen. 

Via de kloosterhof betraden we de kerk, die gewijd is aan de Augustijner monnik Nicolaas van Tonentijn, omdat diens heiligverklaring en de sterfdag van Philibert beide op 6 september vielen. De kerk is een fraai voorbeeld van flamboyante gotiek en maakte op ons door zijn hoogte, omvang en soberheid (geen kleuren) onmiddellijk bij binnenkomst indruk. 
Het prachtig gebeeldhouwde doksaal geeft toegang tot het koor en de bidkapel van Margaretha. In het koor bevinden zich de grafmonumenten. De graven bestaan uit een onder- en bovengedeelte: bovenop de vorst in vol ornaat, als bij zijn/haar leven, eronder een beeltenis van de overleden persoon, eenvoudig gekleed. 
Onder een baldakijn van verfijnd beeldhouwwerk ligt Margaretha van Oostenrijk. In het midden van de ruimte ligt Philibert de Schone en daarachter Margaretha van Bourbon, zijn moeder. De steunfiguren en vooral de pleurants aan de onderzijde van het graf van de moeder deden me onmiddellijk denken aan de hertogelijke grafmonumenten in Dijon. Voeg daaraan nog toe de grote kleurrijke gebrandschilderde ramen en het is duidelijk dat hier van eenvoud en soberheid geen sprake meer is. 






Vanaf de bovengalerijen en het doksaal heb je een prachtig overzicht over het koor en de kerk.


 


Omdat Margaretha de voor haar en haar entourage bestemde woonvertrekken nooit heeft kunnen betrekken, zijn deze ruimten ingericht met tentoonstellingen die iets meer vertellen over haar leven, haar politieke en dynastieke rol en de schone kunsten. De kunsttentoonstelling beperkt zich niet alleen tot haar eigen tijd maar omvat ook werken uit de eeuwen daarna tot moderne werken. Dat voelde wat ons betreft als een anachronisme in dit historische complex, waar we verder ruim de tijd voor genomen hebben. 

Daarna hebben we de stad opgezocht, maar deze had wat ons betreft minder te bieden dan we misschien verwacht hadden. Dat kwam allicht ook door de gestaag vallende regen. De monumenten staan nogal verspreid in de straten die vooral door allerhande winkels en horeca gedomineerd worden. Het toeristenbureau verstrekt een gratis stadsplattegrond met rondwandeling langs monumenten. De nieuwe Food hallen Beau Marché verleidden ons tot een eenvoudige maar lekkere hap in een droge en moderne omgeving. 



Op de terugweg vonden we niet ver van Bourg-en-Bresse iets buiten het dorpje Montrevel het Domaine de Sougey, een van de oudste traditionele en authentieke boerderijen (1460) van de Bresse. Ook hier troffen we weer een gesloten attractie aan, maar het terrein was wel vrij toegankelijk zodat we er in de laatste motregen een kijkje hebben genomen. 


Het woonhuis en de schuren zijn opgetrokken in vakwerk met houten staanders en balken, opgevuld met leem en stenen. Voor die stenen werden bij deze boerderijen vaak adobestenen gebruikt. Adobe is een ongebakken, in de zon gedroogde leemsteen. De boerderijen worden bovendien gekenmerkt door ver overstekende pannendaken, vaak met een soort extra knik, die niet alleen de kwetsbare bouwmaterialen beschermen tegen regen en sneeuw, maar waaronder ook materialen droog kunnen worden opgeslagen en maiskolven te drogen worden gehangen. De Sougey boerderij heeft een zgn. Saraceense schoorsteen, een schoorsteen als een soort klokkentoren met een kruis bovenop.




Terug over landweggetjes naar de camping kwamen we een nog in bedrijf zijnde oude boerderij tegen. De prachtige irissen stonden er stralender bij dan de boerderij, die in zekere staat van verval verkeerde.



Een aardig artikel over de Bresse boerderijen 

Over het kloostercomplex en Margaretha van Oostenrijk is veel op Wikipedia te vinden. 
Iets meer speciaal over de grafmonumenten.

Populaire blogberichten